Winterswijks jongste molenaar in opleiding

‘hier beweegt echt alles’


Het Gilde van Vrijwillige Molenaars bestaat vijftig jaar en heeft 2022 uitgeroepen tot het Jaar van de Molenaar. Dat was ook de aanleiding voor de geslaagde recordpoging op 9 april om zoveel mogelijk draaivaardige molens gelijktijdig te laten draaien. Alle windmolens in Winterswijk deden mee, net als ruim 800 andere molens in Nederland, die daarmee het belang van het ambacht van (vrijwillige) molenaar onder de aandacht wilden brengen. Immers alleen molenaars kunnen de molens ook in de toekomst draaiende houden.

Tekst en foto: Betty Wassink

Ik ben op bezoek in Miste bij de Meenkmolen van molenaar Henny Woordes. Daar is deze zaterdag Feike Wibbels samen met zijn mentor Rob Holweg aan het werk. Rob is gediplomeerd vrijwillig molenaar en vaste coach van Feike, die molenaar wil worden.

Molenaar In Opleiding
Feike (18) is al sinds 2015 molenaar in opleiding (MIO). Het begon bij de Sevink Molen, nu wordt hij ingeroosterd bij Molen Bataaf en elke eerste zaterdag van de maand is hij op de Meenkmolen actief. Hij volgt in zijn vrije tijd de molenaarsopleiding van het Gilde van Vrijwillige Molenaars en bereidt zich voor op het eindexamen dat zal worden afgenomen door een examencommissie van De Hollandsche Molen begin volgend jaar. Daarnaast zit hij ook in het examenjaar van de opleiding verspaner bij Anton Tijdink Techniekopleidingen in Terborg.

Hoe hij op het idee kwam om molenaar te willen worden? “Dat kwam eigenlijk door mijn moeder, die vond dat ik te weinig deed.” Inmiddels is hij wel gegrepen door het molenvirus, dat ook in zijn genen zit: zijn opa was molenaar aan de Wooldseweg. Nu hij 18 is, mag hij examen doen. Zijn begeleider Rob heeft een traject ingesteld, ter voorbereiding op het toelatingsexamen eind dit jaar.

Teamwork
Wat er zo leuk is aan het molenaarsvak vindt Feike moeilijk te omschrijven. “Misschien is het wel dat je iets voor elkaar krijgt als team. Ook de gezelligheid en het onderhoud doen. Er is altijd wel ergens iets stuk, er moet altijd wel wat gebeuren.” Deze ochtend heeft hij samen met Rob de elevator gerepareerd. De riem van dit mechanisch transport, een zogenaamde jacobsladder, was geknapt. Op het middagprogramma staat de schoonmaak van de windborden in de wieken. Er is doorlopend onderhoud aan een molen en dat is van het grootste belang, vertelt Rob tijdens de lunch bij Henny Woordes thuis. “Schoonmaken is het eerste onderhoud wat je doet aan een molen. Het verwijderen van mos en groene aanslag is behoud van het verfwerk. Regulier eerstelijns onderhoud heet dat bij de molens.” Hoewel Molen Bataaf nu zijn ‘thuismolen’ is, is Feike graag op de Meenkmolen. “Hier beweegt echt alles. Zo zie je dat bij weinig molens.” Henny Woordes beaamt het. “Je kunt de techniek echt zien, hoe tanden in elkaar grijpen. En door het te zien, kun je het gaan begrijpen. Het heeft ook wel wat, die overbrenging van kracht door de wind.”

Praktijk en theorie
Na de lunch gaan de overalls weer aan en klimt Feike in de wieken. Weer een paar uur praktijkervaring. Exameneis is dat je minimaal 150 praktijkuren hebt gemaakt en op elke molen leer je weer wat bij. Zijn leerling is praktisch ingesteld, zo weet Rob. “Nu nog zorgen dat je de theorie onder de knie krijgt, dus nog wat meer uren in de boeken. Maar in de praktijk leer je ook veel over de theorie, dat vult elkaar aan.” De theoretische kennis over de vele verschillende types molens, over wieksystemen en het weer is nog wel wat taai, vindt Feike. “Maar weerkennis is nodig voor de veiligheid tijdens het molenwerk.”
“Een molen wordt pas interessant als erover wordt verteld.”Jeugd
Voor de toekomst is het heel belangrijk om jongeren op de molens te hebben, want de gemiddelde leeftijd onder de molenaars is wel hoog. “Feike is de jongste molenaar in opleiding in Winterswijk. Ik was jarenlang de junior, maar als Feike is geslaagd, is hij de junior. Gelukkig merken we – ook in de regio – dat de belangstelling groeit onder jongeren”, aldus Rob, die daar volgens Henny Woordes een grote rol in heeft. “Rob kan het enthousiast overbrengen, waardoor je de jeugd aanspreekt. Die klik is belangrijk, want een molen wordt pas interessant als erover wordt verteld. En de toon maakt de muziek.”

Vooralsnog lijkt het er wel sterk op, dat Winterswijk binnenkort een jeugdige molenaar rijker is. Hoe Feike Wibbels de toekomst ziet? “Als het kan, zou ik wel graag molenaar willen worden van beroep.”

https://vrijwilligemolenaars.nl

arrow_upward